Freewheelen door Leiden
- Geplaatst op
- Geplaatst in Stadsfiets, Union flow
Een stad is op z’n tofst als je hem vanaf een zadel bekijkt. Maar wat zijn de leukste fietssteden van Nederland?
Vandaag bezoeken we op onze Union Flow: Leiden. De stad waar Rembrandt het levenslicht zag, waar Prins Pils bier leerde drinken en waar je op 3 oktober altijd wel een paar volwassen mannen over de stoep naar huis ziet kruipen. Het recept voor een topdag!
Een druilerige donderdagmorgen
Als we Leiden Centraal uitlopen, valt ons 2 dingen op: de lucht is grijs, de maag rammelt. Aan dat eerste kunnen we bijzonder weinig doen, aan dat tweede des te meer. We stappen op de fiets en rijden naar Café De Bruine Boon voor een uitsmijter en een dubbele espresso. Als de benodigde brandstof is bijgetankt, horen we iets grommen. Op naar Naturalis.
T-Rex in town
Sinds vorig jaar heeft Leiden er een 12 meter hoge inwoner bij. Ze woont in Naturalis en heet Trix. Naturalis is een natuurhistorisch museum. Zulke musea zijn over het algemeen ietwat slaapverwekkend, maar dit is andere koek. Ja, je moet je soms door een menigte schreeuwende kinderen worstelen, maar als je Trix in de ogen kijkt, ben je dat meteen vergeten.
Belgisch bier in een voormalig ziekenhuis
We hebben dorst, dus crossen we naar de andere kant van het centrum. Dat klinkt als een barre tocht, maar in Leiden kost het je niet meer dan 10 minuutjes. We stappen binnen bij Belgisch biercafé Olivier aan de Hooigracht. Is dit het enige biercafé van Leiden? Zeker niet. Maar deze behoort zonder twijfel tot de mooiste cafés van de stad, en misschien zelfs van het land. Zoek een knus hoekje in dit voormalige ziekenhuis, bestel een bijzonder exemplaar en je waant je opeens in het Brugge van 1890. Drink er nog een, en je eigent je zelfs de Vlaamse tongval toe. Eten kan hier prima, maar wij moeten door. We willen meer van deze stad zien.

Van boven is alles mooier
We fietsen 3 minuten naar het westen en parkeren onze Union Lite bij de burcht. Dit ‘mottekasteel’ staat op een heuvel, midden in de stad. Vraag ons in vredesnaam niet wat een mottekasteel is, maar loop naar boven en zie de ondergaande zon schitteren op de Leidse daken. Leuk met vrienden, leuker met een date.
'De mooiste gracht van Nederland’
De zon is onder, en dus is het tijd voor het Rapenburg. Hier bracht onze koning zijn studententijd door. Volgens kenners is het ‘de mooiste gracht van Nederland’. Of dat zo is, durven we pas te zeggen als we alle steden hebben bezocht, maar lelijk is ie allerminst. De warme gloed van de straatlichten lijkt gestolen uit een boek van Charles Dickens. Oké, genoeg gezwijmeld. Aan tafel!
Groot, maar gezellig
Voor een welverdiende burger kloppen we aan bij Waag. Het restaurant bestaat pas een jaar, maar is nu al een begrip in de stad. Het pand stamt uit 1657. Vroeger werden hier, de naam verklapt het al, dingen gewogen. Heel veel dingen. De aankleding van het restaurant knipoogt subtiel naar dat verleden, in de vorm van 823 verschillende weegschalen. Ongeveer. We sluiten de dag af met een espresso, en keren voldaan huiswaarts. Is Leiden een kandidaat voor fietsstad van Nederland? Without a doubt.